Samenwerking is geen kwestie van teambuilding of een mooie poster aan de muur. Het ontstaat wanneer bepaalde voorwaarden aanwezig zijn: de acht Kernontwerpprincipes van Nobelprijswinnaar Elinor Ostrom. Wij richten ons bij TeamWerklust vooral op die eerste zes: zij vormen het fundament waarop samenwerking rust.
Elinor Ostrom won in 2009 de Nobelprijs voor haar onderzoek naar commons; gedeelde hulpbronnen zoals water of landbouwgrond. Ze ontdekte dat gemeenschappen deze hulpbronnen succesvol kunnen beheren zonder centrale controle of privatisering. Maar alleen als ze werken volgens acht kernontwerpprincipes.
Prosocial past deze principes toe op organisaties. En daar ligt het iets anders, want de meeste organisaties zijn niet zelfsturend of een werknemerscollectief. Maar ook hier zijn er gedeelde hulpbronnen. Deels fysiek: ruimtes, middelen, tijd. Maar ook psychologische hulpbronnen zoals autonomie, sociale steun, feedback, ontwikkelmogelijkheden, duidelijkheid over rollen.
Wanneer deze hulpbronnen goed gefaciliteerd en onderhouden worden, presteren teams beter en blijven mensen langer betrokken. Wanneer ze uitgeput raken of ongelijk verdeeld zijn, zie je demotivatie, uitval en uitstroom.
Ook al zijn we als mens gebouwd voor samenwerken, in organisaties is dit geen vanzelfsprekendheid. Je ziet te vaak teams waar iedereen voor zichzelf bezig is, waar continu geroepen wordt ‘het is hier niet veilig’, of waar een hoog verzuim is.
Samenwerking kun je niet afdwingen. Het ontstaat wanneer bepaalde voorwaarden aanwezig zijn. En wanneer die voorwaarden ontbreken, zie je structureel gedoe, uitval en teams die naast elkaar werken in plaats van met elkaar.
De eerste zes kernontwerpprincipes creëren een systeem waarin mensen vanuit gezamenlijke verantwoordelijkheid zorgen voor deze hulpbronnen.
Dit is geen losse set trucjes die je afzonderlijk toepast. Het is een integraal model waarbij alle principes samen het fundament vormen. Principe 1 gaat over waarden en betekenis. Principe 2 tot en met 6 zorgen voor een evenwicht tussen eigenbelang en collectieve belangen.
Een team functioneert het best wanneer helder is wat het gezamenlijke doel is en wanneer teamleden dit doel de moeite waard vinden. De vraag die centraal staat is eenvoudig, al is het antwoord vaak complex: is het de moeite waard om hier te werken? En vindt de organisatie het de moeite waard om in dit team te investeren? Wanneer het antwoord op één van beide vragen ‘nee’ is, zie je wat er gebeurt: teams die hun werk doen maar geen ziel hebben. Als het werk geen betekenis heeft, ga je logischerwijs eigenbelang voorop zetten.
De meeste mensen hebben een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Maar dat gevoel wordt geweld aangedaan wanneer de opbrengsten die teamleden hebben niet in verhouding staan tot hun bijdragen. Dit betekent dat er een eerlijk evenwicht moet zijn tussen inspanning en beloning. Maar ook tussen belasting en belastbaarheid. En in werk/privébalans. Wanneer iemand structureel meer draagt dan anderen zonder dat dit gezien wordt, loopt het vast. Het gaat ook over regelingen: wanneer je bonussen geeft voor niet ziek zijn, beloon je vooral geluk en het over eigen grenzen heengaan. Wanneer je faciliteiten aanbiedt, zorg dan dat de toegang rechtvaardig is. Anders ontstaat wrok.
Motivatie, betrokkenheid en welzijn op de lange termijn zijn het resultaat van autonoom kunnen handelen en niet van dwang of manipulatie. Dit principe sluit aan bij de zelfdeterminatietheorie: mensen hebben drie psychologische basisbehoeften — autonomie, competentie en verbondenheid. Wanneer deze behoeften vervuld zijn, zijn mensen gemotiveerd en betrokken. Wanneer ze gefrustreerd worden, ontstaat demotivatie en uitputting. Dat betekent niet dat iedereen altijd en overal over moet meebeslissen, maar wel dat mensen invloed hebben op beslissingen die hun werk direct raken. En dat ze gehoord worden wanneer ze zorgen hebben.
Afspraken moeten duidelijk en transparant zijn en het functioneren van het team ten goede komen. Het is van enorm belang dat je afspraken aan de voorkant vastlegt. Het heeft geen zin om afspraken te maken als er al problemen zijn. Bespreek aan de voorkant met het hele team: hoe gaan we om met werkdruk? Wat doen we als iemand structureel zijn grenzen overschrijdt? Hoe zorgen we ervoor dat iedereen bijdraagt? Hoe geven we elkaar feedback? Hoe houden we werk en privé in balans? Wat verwachten we van elkaar als er wel verzuim is? En spreek ook af hoe deze onderwerpen individueel worden besproken, uit zorg en niet uit controle.
In ACT gaat het altijd om de functie van gedrag. Wat levert het op? Waarom blijft het bestaan? Grofweg kunnen we gedrag splitsen in helpend en niet-helpend. Helpend gedrag draagt bij aan de eerste vier principes — we kunnen dit waardegericht gedrag noemen. Gedrag dat deze principes ondermijnt, kunnen we als vermijdend beschouwen. Wanneer vermijding iets oplevert (je hoeft je eigen ongemak niet aan te gaan, je wordt niet aangesproken, je kunt onder verantwoordelijkheid uit), blijft het in stand. Er is dus feedback nodig op niet-helpend gedrag en consequenties wanneer wel-helpend gedrag uitblijft. En vergeet positieve feedback op het wel-helpende gedrag niet.
Laat dingen niet oplopen. Dat klinkt simpel, maar in de praktijk gebeurt het voortdurend. Iemand ergert zich aan een collega, maar zegt niks. Een leidinggevende ziet dat twee teamleden elkaar ontlopen, maar grijpt niet in. Totdat de situatie onhoudbaar wordt. Snelle conflictoplossing vraagt om twee dingen: helderheid over wat je doet wanneer er een conflict is (wie benader je, wat is de procedure), én een cultuur waarin conflict niet gezien wordt als falen, maar als iets dat erbij hoort en opgelost moet worden. Veel problemen in teams ontstaan uit onopgeloste spanningen. Wanneer deze spanningen snel worden opgepakt, is de kans groot dat ze opgelost kunnen worden voordat ze escaleren.
Met de ACT Matrix kun je voor elk onderwerp waar je team mee worstelt een kwadrant invullen. Wat vinden we belangrijk op dit gebied? Welke gedachten en emoties roept deze situatie op? Welke neiging is er nu om die gedachten en emoties uit de weg te gaan? Met als doel: met elkaar afspraken maken over gewenst gedrag.
De groepsmatrix is een tool die teams helpt om concrete afspraken te maken vanuit gedeelde waarden — en tegelijkertijd inzicht te krijgen in wat vermijding in de weg zit.
Nog meer werkvormen kun je vinden op de website van Prosocial World.
Wij gebruiken de Kernontwerpprincipes als fundament voor teamcoaching en teamtrainingen, omdat het een integraal model is dat teams helpt om duurzaam beter samen te werken.
In onze training ‘Bouwen aan betere teams’ werken we met teams aan deze zes principes: Altijd op maat, altijd praktisch en altijd gericht op de context van jullie organisatie.
Een praktische tool om met je team aan de slag te gaan — van gedeelde waarden naar concrete afspraken.
Kanaalstraat 40e
7311 MP Apeldoorn